Veronderstelde wedergeboorte

“Zo dikwijls dus de heilige Doop in het midden der gemeente bediend wordt, hebt ge te verstaan, dat op hetzelfde ogenblik, waarop de dienaar het water van de Doop toedient, uw Middelaar en Heiland van de hemel, waar Hij aan de rechterhand Gods verhoogd is, een genadewerking werkt in de ziel van het kind of de persoon, die gedoopt wordt …”. Dr. A. Kuyper, E Voto, II, 534. Mede op basis van dit citaat wordt de doopleer van Kuyper wel de ‘veronderstelde wedergeboorte’ genoemd. Anders gezegd, je kunt ervan uitgaan dat het kind wedergeboren is, tenzij later het tegendeel blijkt. Zelf ben ik juist opgegroeid met het tegenovergestelde uitgangspunt. Daarbij veronderstelt men dat het kind dat gedoopt wordt

Verder lezen?

Login om meer toegang te krijgen
Word abonnee
Plompetorengracht 1, 3512 CA Utrecht
06-15443929
info@christelijkefilosofie.nl
Soφie is een uitgave van de Stichting voor Christelijke Filosofie. Zij biedt een intellectuele uitdaging door kritisch na te denken over actuele onderwerpen, geïnspireerd door de christelijke traditie.
No gtmCode set!